« Zwaan | Hoofdpagina | Xi'an »
3 augustus 2005
Beijing
Beijing, het oude Peking. De stad geeft je een vreemd gevoel. Veel van de gebouwen zijn grijs grauw en blokkerig. Andere gebouwen stralen het communisme uit: veel machtsvertoon.
Het lijkt wel alsof je er losverloren rondloopt. Hier in de hoofdstad van
China zien we nauwelijks toeristen. En het gros van de Chinezen hier laten
je volkomen links liggen; je zou ook kunnen zeggen laten je met rust. Ik kan
me nu levendig voorstellen wat immigranten in Nederland moeten voelen. Bij
aankomst vanochtend om negen uur was het al bloedje heet. De airport bus
bracht on dicht bij het hotel maar de 800 meter lopen in de verzengende
hitte met bepakking viel niet mee. Het was echt weer even wennen aan de
warmte, ook toen we over het immense Tiannanmen plein liepen, waar geen
greintje schaduw te vinden was. Het is bijna niet voor te stellen wat zich
hier in 1989 heeft afgespeeld. Drommen mensen slenteren met paraplus tegen
de hitte over het plein, en pseudo-militairen oefenen hun aflos-pasjes.
Vanaf de Poort van de Hemelse Vrede, die toegang geeft tot de Verboden Stad
en van waaraf het politieke establishment elk jaar hun militaire parade
afneemt, kijkt Mao weer onbekladt over het plein. Geen duiven hier zoals op
onze Dam.
Het parlement straalt nog helemaal het communisme uit: er zijn
gigantische zalen en overleg kamers, maar er was verder geen parlementarier
te bekennen. En iedereen moest plastic hoesjes om de schoenen om het geheel
niet te bevuilen. Zouden de parlementariers dit ook moeten doen?
